vrijdag 13 december 2019
4 minuten leestijd (834 woorden)
Aanbevolen 

Exclusieve column: De kijk van Jaap Knasterhuis jr....deel 5: Krijgen ze gevoelige voetjes van

kapottelerenbal

REDACTIE| Niet zonder trots kunnen wij u melden dat wij een, wel zeer pikante, columnist hebben weten te strikken. Niemand minder dan Jaap Knasterhuis junior, de zoon van wijlen Jaap Knasterhuis senior, was zo onder de indruk van ons prille medium dat hij uit eigen beweging zijn medewerking heeft toegezegd middels een regelmatig terugkerende exclusieve column. Knasterhuis senior was, voor de weinigen die hem eventueel niet zouden kennen, een gerenommeerd cultuurcriticus voor het legendarische VPRO radioprogramma 'Ronflonflon met Jacques Plafond' dat aan het einde van de vorige eeuw onder de fijnproevers van muziek, film, theater en sport een absolute cultstatus verwierf. Knasterhuis senior hield er daarbij een fijnbesnaard vocabulaire op na, om zijn recensies een zo genuanceerd mogelijk geluid te geven. Vooral de subtiele term 'kut' werd daarbij als bijvoeglijk naamwoord niet geschuwd. Jaap Knasterhuis junior is een echte telg van zijn vader wat dat betreft maar richt zich vooral op het voetbal. 

Oost Brabant,  85 augustus 2019

Allereerst even een mededeling van huishoudelijke aard. Mijn vijfde column, zeg maar mijn eerste lustrum, liet even op zich wachten omdat ik opgeslokt werd door allerlei enorm belangrijke activiteiten zoals langdurig opgenomen worden in een psychotherapeutische kliniek, gespecialiseerd in autisme. Maar ben inmiddels weer terug onder 'de mensen', of wat daar voor door moet gaan. 

Toen ik een wedstrijdje ging meepikken bij een Oost Brabantse amateurclub en de keeper van de tegenpartij geblesseerd het veld moest verlaten dwaalden mijn gedachten af naar een lang verloren tijd. Zo'n veertig jaar geleden brak namelijk op dat zelfde veld ook een doelman van de tegenstander zijn been en toen brak er tevens algehele paniek uit. Terwijl de beste jongen het uitschreeuwde van de pijn en het bloed uit zijn been spoot zat de wedstrijdorganisatie in de kantine te genieten van het zoveelste glaasje bier. Waarschijnlijk weer dat bocht van Bavaria. Er moest een ziekenwagen komen maar dat duurde, de keeper moest alvast van het veld. Maar er was geen brancard of zoiets dergelijks te bekennen. Toen iemand kwam aanlopen die nogal handig bleek te zijn met hamer en spijkers werd het idee geopperd om dan maar de deur van kleedkamer 1 te slopen. En zo geschiedde, de doelman werd op de van de klink ontdane deur gelegd en op deze comfortabele ondergrond kon hij wachten totdat de medics hem kwamen halen. 

Waarom deze anekdote? Ik wil ermee zeggen dat vroeger sommige zaken zeer slecht geregeld waren. Als wij gingen trainen dan mocht je blij zijn dat er een bal bij was die geen drie kilo woog bij 4 mm regen in de week. En het veld was steevast vanaf november een soort van Hongaarse akker. En als je vanaf de middenstip naar links en rechts keek kon het best zijn dat je van één van de goals slechts de bovenste helft zag. Je mocht blij zijn als je een droge kleedkamer had met wat haakjes en de trainer, overdag stukadoor,  kwam meestal niet verder dan de opstelling bekendmaken. 

Tegenwoordig is wel alles prima overal geregeld. Bij de profs ook. De bal ligt klaar op een pilaar als de heren het veld opkomen, er lopen allemaal kleine mannetjes mee met de spelers en afgelastingen zijn verleden tijd vanwege het accommodatiebeleid van de KNVB. Door al die trainertjes, op hoog en laag niveau, die gewapend zijn met notitieblokjes en precies weten hoe ze periodiek faserend naar een zijde kantelend druk moeten zetten zijn de spelers ook allemaal geinstrueerd tot in de puntjes. Zelfs bij de laagste amateurs moeten de passlijnen dan wel dichtgezet worden, of juist opengebroken, en als de opponent niet met drie maar met 2 spitsen speelt dan schakelt zelfs de trainer van een vijfde klasser met een trots gezicht (toch maar mooi gezien) meteen over naar 3-5-2. 

Slechts één dingetje is ontzettend achteruit gegaan. Vooral bij de amateurs, maar toch ook bij de profs in het algemeen. Ik weet dat het een onbelangrijk detail is maar wil het toch graag noemen. Het technische vermogen is door al dat gepamper stukken minder. Steekballen worden steevast veel te hard gegeven, met een harde voet. Opendraaien is een aangeleerd iets geworden, een mannetje passeren is uit den boze. Het simpele inspelen van de bal, en dan doorbewegen, is moeizamer dan moeizaam. Liever tikken ze de bal rond in een tergend traag kommetje met 'hoogstaande' backs die niet kunnen voetballen maar wel het vaakst aangespeeld worden. En als dat dan zo een tijdje duurt volgt er een lange peer. Om het samen te vatten: het voetballen zelf is eigenlijk niet meer zo best. Om het wat duidelijker te maken. Vroeger had je ook veel slechte voetballers, dan was de uitvoering gewoon minder. Maar die types wisten wel bij wie ze de bal moesten inleveren en probeerden geen splijtende passes over 40 meter te geven. Dat scheelde. 

Dus KNVB, tip van Jaap: ga gewoon trainen op balletje inspelen, doorbewegen. En heerlijk mannetjes passeren. Laat die heerlijk afwisselende oefenstof die jullie van internet gedownload hebben maar even zitten. En laat ze lekker op een slecht veld trainen met een bal waar de lappen los van zitten. Worden die voetjes wat gevoeliger van. 




Lodewijk van Helvoirt probeert talenten te behoude...
Zaalvoetbalicoon Pascal Langenhuijsen traint voort...

Related Posts

 

Reacties

Er zijn nog geen reacties gegeven. Wees de eerste die een reactie geeft
Gast
vrijdag 13 december 2019

Captcha afbeelding

Hollandse Velden Banner

Colofon

Tismarvoetbal is een uitgave van Janus Media / SwipeSport

Redactie: Willy Rooyakkers (eindredactie), Kees van der Zandt

Medewerkers: Paul Brugmans (PFF), Gert-jan Kuipers (PFF)